Drie jaar geleden kwam de 18-jarige Nova Miller erachter dat ze niet op een geslacht valt, maar op een bepaald persoon. Vanaf dat moment probeert ze seksuele diversiteit bespreekbaar te maken. Dit is de reden dat ze in 2015 een Gay Straight Alliance, een groep die opkomt voor het recht van leerlingen om zich vrij te kunnen uiten, heeft opgericht op het Amadeus Lyceum. Daarnaast maakt ze video’s over dit onderwerp op haar YouTube-kanaal en brengt ze op 16 juni voor het eerst een bezoek aan de Utrecht Canal Pride, het LHBTI-feest op de Utrechtse grachten.

Met de botenparade hoopt de Utrecht Canal Pride niet alleen acceptatie, maar ook emancipatie van de Lesbische, Homoseksuele, Biseksuele, Transgender en Interseksuele (LHBTI) organisaties te bevorderen. Denk je dat dit doel met zo’n parade bereikt wordt?
“Ja, dat denk ik wel, omdat er door dit feest veel mensen in aanraking komen met LHBTI. Hierdoor wordt er over dit onderwerp nagedacht en wordt het bespreekbaar gemaakt dat niet alle mannen op vrouwen vallen en andersom. Ik vind het heel belangrijk dat het LHBTI-onderwerp op scholen besproken wordt om zo de acceptatie ervan te vergroten. De pubertijd is een periode waarin je vaak twijfelt over wie je werkelijk bent. Daarom vind ik het belangrijk dat kinderen in deze periode leren dat het niet raar is als je op hetzelfde geslacht valt. Bij mij op school was seksualiteit niet meer dan drie zinnen in een biologieboek.”

In hoeverre draag jij een steentje bij aan het vergroten van deze acceptatie en emancipatie?

“Als ik negatieve reacties hoor over LHBTI-organisaties, probeer ik hierover het gesprek aan te gaan. Niet om de mening van iemand te veranderen, maar juist om die te leren begrijpen. Ik kan het mij namelijk niet voorstellen dat iemand erop tegen is als twee vrouwen van elkaar houden. Waarschijnlijk komt dit door het gebrek aan kennis die mensen over dit onderwerp hebben. Als je ergens weinig van af weet, is het lastig om hierover een genuanceerde mening te vormen. Voor mijn profielwerkstuk heb ik onderzoek gedaan naar de acceptatie van verschillende geaardheden. Hieruit bleek dat laagopgeleide mensen voornamelijk negatiever reageren op LHBTI-organisaties dan hoogopgeleiden. Daarnaast spelen religie en cultuur ook een belangrijke rol in de meningsvorming over LHBTI. Het meest gehoorde tegenargument is dat het onnatuurlijk is als twee mensen van hetzelfde geslacht een relatie hebben, omdat ze zich zo niet kunnen voortplanten. Het is natuurlijk waar dat mensen in principe op de wereld zijn om nageslacht te maken, maar dat is niet wat mensen de hele dag doen. Het leven is veel meer dan dat.”

Het verschil tussen de twee geslachten begint al bij de zwangerschap

Een ander doel van de Utrecht Canal Pride is de zichtbaarheid van LHBTI-organisaties te vergroten. Dit heb jij ook gedaan door in 2015 een Gay Straight Alliance (GSA) op te richten op het Amadeus Lyceum. Hoe ben je op het idee gekomen?
“In drie havo las ik het boek Boy meets boy van David Lavinthan. In dit boek, waarin twee jongens op elkaar verliefd worden, was een GSA. Ik vroeg mij af of een Gay Straight Alliance ook in de ‘echte’ wereld bestond. Na wat research op internet kwam ik achter het bestaan van het landelijke GSA Netwerk. Het Amadeus Lyceum is een grote school, waardoor ik het gek vond dat ik niemand kende die ook bij de LHBTI-community hoort en dat er over dit onderwerp nooit gesproken werd. Om de seksuele geaardheid onder leerlingen bespreekbaar te maken, heb ik een eigen Gay Straight Alliance opgericht. Ik heb de hele school een mail gestuurd, waarna er al twaalf leerlingen zich bij mij meldde. Vanaf dat moment is het balletje gaan rollen.”

Wat waren de reacties op het ontstaan van een Gay Straight Alliance op het Amadeus Lyceum?
Ik kreeg vooral veel positieve reacties en vond het leuk om te zien dat steeds meer leerlingen kennis kregen over dit onderwerp. Zeker de leraren waren erg enthousiast over de GSA. Het zou goed zijn als ze seksuele diversiteit ook bespreekbaar maken in hun lessen. Veel negatieve reacties heb ik niet gekregen, maar de reacties die mij nog erg bijstaan kreeg ik op Paarse Vrijdag. Eens per jaar organiseert het landelijke GSA Netwerk een Paarse Vrijdag. Door op deze dag paars te dragen, tonen leerlingen solidariteit met homo- en biseksuelen, lesbiennes, transgenders en interseksuelen. De GSA deelde die dag paarse armbandjes uit op school. Meerdere leerlingen, met name jongens, weigerden dit van mij aan te nemen, omdat ze erop tegen zijn als twee mensen van hetzelfde geslacht van elkaar houden. Ik denk dat dit te maken heeft met de groepsdruk onder jongens. Zij worden al snel uitgescholden voor homo als ze zich iets vrouwelijker gedragen. Ik heb het idee dat dit een grote rol speelt in hun mening over de LHBTI-community, omdat ze bang zijn om af te wijken van de rest van de groep.”

Je hebt dit jaar eindexamen gedaan waardoor je geen lid meer bent van de GSA. In hoeverre blijf je betrokken bij de door jou opgezette Gay Straight Alliance?
“Halverwege mijn examenjaar heb ik de leiding al overgegeven aan twee andere leerlingen die heel betrokken zijn bij de groep, omdat ik er simpelweg geen tijd meer voor had. Het idee dat de GSA op het Amadeus Lyceum blijft bestaan, als ik niet meer op school rondloop, vind ik heel mooi. Ik ben niet van plan om op mijn vervolgopleiding een nieuwe GSA op te richten. Het is vooral op middelbare scholen zo belangrijk om het onderwerp seksuele geaardheid bespreekbaar te maken. De middelbare school is een periode waarin leerlingen zichzelf ontdekken en uitzoeken wie ze zijn. Naar mate mensen ouder worden, wordt de seksuele geaardheid meer geaccepteerd.”

Op jouw YouTube-kanaal heb je een video waarin je vertelt over genderneutraliteit in Nederland. Waarom is dit zo’n belangrijk onderwerp voor jou?
“Ik vind het heel erg dat er over het onderscheid tussen mannen en vrouwen zo’n groot punt gemaakt wordt. Voor mij is er bijna geen verschil, waardoor ik niet begrijp dat hier zoveel om te doen is in de samenleving. Het verschil tussen de twee geslachten begint al bij de zwangerschap met de vraag of het een jongen of een meisje wordt. De kleur van de babykamer is daarmee ook al bepaald: roze of blauw. Het lichamelijke verschil tussen mannen en vrouwen zie ik natuurlijk wel, maar het is niet dat ik ze anders behandel. Zelf ben ik er nog niet uit hoe ik mij precies voel. Ik draag wat ik wil dragen en doe wat ik wil doen. Daarbij maakt het voor mij niet uit dat ik lichamelijk een vrouw ben.”