Arie Slob, minister van Basis-en Voortgezet Onderwijs en Media, kondigde vorige week een wetswijziging aan die het burgerschapsonderwijs meer structuur moet gaan geven. Uit onderzoek, uitgevoerd door de Universiteit van Amsterdam, is gebleken dat Nederlandse scholieren, ten opzichte van omringende landen, slecht scoren op het gebied van kennis over de democratie, rechtstaat en basisprincipes. ‘’Wij zijn in Nederland op het gebied van deze vaardigheden veel te vrijblijvend geweest’’, liet de minister in Trouw weten. Antoinette Crawfurd-Smit, directeur van de openbare basisschool Het Zand in Leidsche Rijn, reageert op de aankomende wijziging en vertelt over de huidige aanpak die de school hanteert.

Obs Het Zand, onderdeel van scholengemeenschap Brede School Het Zand, is sinds 2006 gestationeerd in Leidsche Rijn. In het reusachtige pand, dat in 2006 bekroond werd door de ScholenBouwprijs, heeft directeur Antoinette een eigen kantoor tussen de klaslokalen in. Sinds augustus 2017 staat ze aan het roer van deze school. In het verleden was ze directeur op de Koningin Wilhelminaschool in Lekkerkerk, zat ze in de gemeenteraad van gemeente Montfoort en stond ze zelf voor de klas op een basisschool in Oudewater.

Lees onder het interview meer informatie over de huidige wet en de aankomende wetswijziging.

Zorg dat je verbinding maakt met je omgeving

Het burgerschapsonderwijs is nu nog heel erg breed. Scholen hoeven zich alleen te houden aan kerndoelen en mogen hun eigen interpretatie geven aan het vak. Wat betekent het burgerschapsonderwijs volgens jou?
‘’Het is een manier om kinderen voor te bereiden op de maatschappij. Hier op deze basisschool – je kan het zien als een minimaatschappij – bereiden we de kinderen voor op situaties waar ze later mee moeten leren omgaan. We moeten als school goed zien wat er buiten gebeurt en dat verbinden met de lessen die we geven. Zorg dat je verbinding maakt met je omgeving. Dat is ontzettend belangrijk.’’

Dat klinkt mooi en vooruitstrevend. Maar hoe zien we die visie terug in de praktijk?
‘’Samen met veel andere scholen in Utrecht, maken we gebruik van De Vreedzame School. Een organisatie die zich richt op het maken van lespakketten voor sociale competentie en democratisch burgerschap. De vraag ‘hoe gaan we vreedzaam met elkaar om’, staat centraal in de lessen. Soms zijn conflicten niet op te lossen en ontstaan er ruzies. Vreedzame School leert de kinderen dat het soms helemaal niet ergs is als conflicten niet opgelost kunnen worden. Dat hoort er nou eenmaal bij, ook later in de maatschappij. Deze methode behandelt de sociale omgang met elkaar door de kinderen bijvoorbeeld te laten debatteren en vergaderen – een stukje democratie.

Uit het rapport van de inspectie blijkt dat er veel te weinig aan burgerschaponderwijs wordt gedaan. Zo’n methode als De Vreedzame School klinkt mooi, maar zet niet veel zoden aan de dijk wanneer de lesstof één keer per jaar wordt besproken. Hoe is dat bij jullie geregeld?
‘’We houden ons wekelijks met het burgerschapsonderwijs bezig. In de klas soms meerdere keren per week. Burgerschapsonderwijs is ook met elkaar in gesprek gaan over bepaalde onderwerpen. Het blijft niet bij het hanteren van een lesmethode.”

Kan je een voorbeeld geven van zo’n wekelijkse les?
‘’Stel, in de avond worden er filmpjes en teksten rondgestuurd via WhatsApp die schokkend, kwetsend of juist heel erg mooi zijn. Dan pakken wij als school die signalen op, en gaan we met de kinderen in gesprek. Daarnaast biedt het lespakket van De Vreedzame School ook onderwerpen die we ongeveer zes keer per jaar bespreken met meerdere groepen bij elkaar. De docenten doen dan bijvoorbeeld een toneelstukje over een luisterend oor hebben en de kinderen gaan daarna in gesprek.

Ik denk niet dat het de juiste manier is

Meerdere docenten, schoolleiders en anderen uit het werkveld vinden dat de nieuwe wetgeving afbreuk gaat doen aan de creativiteit van scholen. Wat vind je van het feit dat de overheid nu regels gaat opleggen?
‘’Kijk de overheid neemt nu de touwtjes strak in handen en gaat ons bepaalde regels opleggen. Ik denk niet dat het de juiste manier is. In het verleden is al gebleken dat die controle vanuit de overheid niet het juiste effect oplevert. Desalniettemin gaat minister Slob het toch proberen, terwijl hij weet dat het niet werkt. En natuurlijk heeft hij ook een punt. De waarden en normen moeten ook binnen het onderwijs geleerd worden, daar ben ik het mee eens. Alleen het meegeven van bepaalde waarden en normen moet vanuit je hart komen, niet vanuit regelgeving.”

Tot 3 juli kan iedereen zijn mening geven via internetconsulatie. Wat zou je de overheid mee willen geven bij het vormen van de wetswijziging?
‘Het probleem is nu gesignaleerd en het is goed dat er wordt gezocht naar oplossingen. Alleen voelt het nu niet als een samenwerking tussen overheid en onderwijs. De overheid zegt eigenlijk: ‘’Hier is de regelgeving en klaar’’. Terwijl ik graag een verbinding zou zien met de initiatieven vanuit het onderwijs die er al zijn. Er is al zo veel bedacht op het gebied van burgerschapsonderwijs, maak daar verbinding mee!”

Met vallen en opstaan kan je alles leren

Je komt gepassioneerd over wanneer je spreekt over het burgerschapsonderwijs. Wat hoop je een leerling van Het Zand mee te geven wanneer hij of zij de school verlaat en de ‘échte’ maatschappij betreedt?
”Eén ding is ontzettend belangrijk: ze moeten leren dat ze alles aankunnen. Natuurlijk is dat in het begin lastig te geloven, maar ik hoop oprecht dat de leerlingen op den duur echt in zichzelf gaan geloven. En dat ze naar een wereld vol mogelijkheden durven kijken en niet terugdeinzen wanneer er tegenslagen op het pad komen. Met vallen en opstaan kan je alles leren!”


Wat is het burgerschapsonderwijs nou eigenlijk?
Sinds 2006 is het voor alle basis- en middelbare scholen verplicht om de leerlingen iets bij te brengen over burgerschap, sociale integratie en verschillende achtergronden en culturen. De scholen mogen zelf hun eigen methodes kiezen, als ze maar voldoen aan de kerndoelen die de overheid ingesteld heeft. Op het basisonderwijs moet aandacht worden gegeven aan algemeen aanvaarde waarden en normen, geestelijke stromingen, de multiculturele samenleving en hoe je respectvol met elkaar omgaat. Op de middelbare school horen de volgende kerndoelen centraal te staan: zorgen voor jezelf en anderen in de omgeving, verschillende culturen leren kennen, inzetten voor de maatschappij en hoe je de veiligheid van jezelf en anderen in verschillende leefsituaties positief kan beïnvloeden.

Waarom komt er een wetswijziging?
Volgens onderzoek gaat het niet zo goed met het burgerschapsonderwijs in Nederland. De Universiteit van Amsterdam kwam in 2017 met een onderzoek waaruit bleek dat Nederland slecht scoort ten opzichte van omringende landen. Ook de inspectie is niet tevreden over het burgerschapsonderwijs, lieten ze begin 2017 weten in een persbericht: ”De inspectie constateert al langere tijd dat het niet goed gaat met het burgerschapsonderwijs, en bepleit maatregelen voor verbetering. Daarbij is een gezamenlijke aanpak nodig.”

Wat gaat er na de wetswijziging veranderen?
Minister Arie Slob kondigde begin deze maand een wetswijziging aan. In Trouw zei hij het volgende over het huidige burgerschapsonderwijs: “Nederlandse scholieren hebben ten opzichte van hun leeftijdsgenoten in de ons omringende landen weinig kennis van de basisprincipes van democratie en rechtsstaat. Wij scoren echt slecht, dat baart mij zorgen. Wij zijn in Nederland op het gebied van deze vaardigheden veel te vrijblijvend geweest.” Op het moment mogen scholen zelf bepalen hoe veel aandacht ze besteden aan het onderwijs over de maatschappij, democratie en rechtstaat. Als het aan minister Slob ligt, komt daar verandering in. ”De Onderwijsinspectie kan op dit moment niet ingrijpen. Ook al geven scholen maar één les over burgerschap, dan hebben ze in de huidige situatie al voldaan aan de wet. Dat is echt te weinig. Met deze wetswijziging kan dat niet meer.” In 2019 wordt er een advies vanuit docenten, schoolbestuurders en anderen uit het onderwijs overhandigd aan de minister.

Iedereen mag tot 7 juli 2018 zijn mening geven via internetconsultatie